Geschiedenis
Rond 1970 werd een onderzoek verricht naar de bouwtechnische staat waarin kerkjes in Friesland, die na de oorlog gerestaureerd waren, verkeerden. In Noord-Brabant werden torens geïnspecteerd die in het kader van het herstel van de oorlogsschade waren aangepakt. De resultaten waren alarmerend. Door een gebrek aan regelmatig onderhoud had het verval binnen een tijdsbestek van zo'n 15 jaar weer op grote schaal toegeslagen. Het niet onderhouden van gerestaureerde gebouwen was een vorm van kapitaalvernietiging.
Deze groeiende aandacht leidde ertoe dat, op initiatief van Walter Kramer, destijds rayonarchitect bij de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, het idee van Yde Schakel om regelmatig inspecties uit te voeren verder is uitgewerkt.
Op 23 februari 1973 werd in Friesland de eerste Monumentenwacht opgericht. De eerste inspectie werd al op 23 maart gedaan in St. Nicolaasga.
De verdere uitbouw in de jaren zeventig, werd van harte ondersteund door mr. Gijs van Herwaarden van het toenmalige Ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk. Bij deze uitbouw kon steeds een beroep worden gedaan op het Prins Bernhard Fonds voor de aanschaf van inspectiebussen, inmiddels ruim vijftig in getal.
Sinds de oprichting zijn de Monumentenwachten sterk gegroeid door de snelle aanwas van abonnees. De kostenbesparing door tijdig onderhoud, de klantgerichtheid en de steeds professionelere aanpak van de Monumentenwachten hebben aan het succes bijgedragen.
Gezamenlijk inspecteren de 11 provinciale Monumentenwachten en de Archeologische Monumentenwacht meer dan 22.000 objecten per jaar. Elke dag gaan overal in het land monumentenwachters op pad met goed uitgeruste inspectiebussen.